Een onvolledige en wellicht weinig accurate geschiedenis

Napoleon_Holland_Guard_by_Bellange                karellodewijknapoleoniii

Gezichtsbeharing is er altijd geweest. Om te beginnen mogen we aannemen dat de voorouders van mensen een gezicht vol haar hadden. In de loop van vele jaren is dit langzaam verdwenen. De mens vond andere manieren dan een dikke pels om op temperatuur te blijven en zo werd gezichtsbeharing enigszins overbodig. Bleven er bij de vrouw slechts wenkbrauwen en wimpers over, de man werd opgezadeld met een pluizige bos onder de neus waardoor al snel het vak van barbier ontstond.

Militair symbool

De populariteit van gezichtsbeharing vertoont sindsdien een golfbeweging. Zo lijkt het alom geprezen maar niet altijd even accurate Wikipedia er een symbool van de mannelijke strijdkracht in te zien. Historisch gezien, meldt de online encyclopedie, wordt de snor gedragen door militairen. En toegegeven, de leden van de Franse Keizerlijke Garde, in 1804 door Napoleon opgericht, waren verplicht een snor te dragen. Deze garde telde overigens ook een Hollands regiment, in 1806 opgericht: het Derde Garderegiment grenadiers te voet (foto links). En historicus-archivaris Otto van der Meij stelt dat de snor in het Engelse leger tot 1916 verplicht was.

Evenals pailletten, strepen en andere uiterlijke versierselen was vroeger de rang van militairen af te lezen aan hun snor. Jongere mannen in lagere rangen droegen een kleine snor. Met het stijgen van de rangen werden de snorren dikker, voller en uitgebreider. De hoogste militairen in rang mochten zelfs hun baard te laten staan. En de opkrullende snor – de handlebar of imperial – was traditioneel voorbehouden aan oud-militairen.

De keerzijde

Aan de snordracht zitten natuurlijk negatieve kanten. Zo is de kans levensgroot dat bij de Fu Manchu of walrus de uiteinden vast komen te zitten in de rits van een jas. En bij een degelijke moustachio of borstel kunnen er natuurlijk allerhande etens- en drinkresten achterblijven. Niet voor niets is de Engelse bijnaam voor snor dan ook de flavour savour. Om diezelfde reden vaardigde het Weense hof in 1624 de order uit dat de jonge officieren die bij de keizer aan de dis zaten, ‘zich den mond en de snor zorgvuldig afvegen.’

Opkomst

Snorren zijn niet altijd populair geweest, zeker niet buiten de militaire rangorde. Zo is het verhaal bekend van de Duitse hulppredikant Kalthoff die in 1875 voor drie maanden geschorst werd omdat hij weigerde zijn snor af te scheren. In die tijd zag men de snor in sommige delen van het Europese continent nog als een iets tegen de goede zeden.

Toch begon de neusmat in de negentiende eeuw ook aan een opmars. Volgens Van der Meij is dit te danken aan de Franse keizer Napoleon III (1808-’73, foto rechts), zoon van de Nederlandse koning Lodewijk Napoleon. Napoleon III sierde de bovenlip met een impériale, die toen werd uitgevoerd als lange puntige snor (model Hercule Poirot) met sik in de vorm van een forse omgekeerde druppel.

Enige ambivalentie ten aanzien van de snor bleef echter bestaan (en bestaat deze niet nog altijd?). Zo werd de enige zoon van Napoleon III, Eugene Louis Jean Joseph Napoleon in 1875 verplicht een snor te laten staan om op een verkiesbare plek te komen op de lijst van de Bonapartisten voor de Senaatsverkiezingen. Toen partijgenoten een portret van de prins zonder snor toonden aan boeren, stelden deze dat de prins er als een baardeloze knaap uitzag.

Dit terwijl in 1890 een decreet werd uitgevaardigd waarin het Franse rechters werd verboden een snor te dragen. Gek genoeg mocht een baard wel, zodat de Franse gerechtshoven er in die tijd uitzagen als een slechte SciFi-film vol Chriet Tietulaar-klonen. En hotelhouders in de Duitse hoofdstad Berlijn verboden personeel in 1882 nog een snor te dragen.

En deze twee verboden zijn weer in tegenspraak met een rechtszaak in het Duitse Essen uit 1892. De aanklager had van een koopman in een herberg dertig gulden aangeboden gekregen om zijn snor te scheren. Nadat hij dit gedaan had, vertelde de koopman dat het een grap geweest was. De geschoren snordrager won de door hem aangespannen rechtszaak.

De knevel

Wie over de snor spreekt, kan niet om het woord knevel of stokje heen. Dit is de oorspronkelijke Nederlandse benaming. Ook hier is een verwijzing te maken naar de militaire geschiedenis van de snor, want een gezegde luidde: Dat een groote knevel een dapper soldaat maakt. En ook in het Scandinavisch komt het woord knevel terug; daar heet een snor nog altijd een Knebelsbarten (wat weer sterk lijkt op het Duitse Schnurrbart, ofwel snorbaard).

Onderzoek

Al met al wordt de snor eind 19de eeuw een vast onderdeel van het straatbeeld in Europa. Het dragen van een snor wordt zo wijdverbreid dat het Parijse tijdschrift Gaulois in 1904 onderzoekt waarom mannen een snor dragen (aanleiding voor de enquete is het besluit dat de ambtenaren van het ministerie van Openbare Werken voortaan hun snor mochten laten staan):

– de snor bezorgt “grooter succes bij het schoone geslacht”: 52%
– dat gaat geen mens wat aan: 17%
– zonder snor ontstaat lichte verkoudheid: 8%
– de snor is noodzakelijk voor de gezondheid: 7%
– scheren is teveel moeite: 6%
– de snor staat in dienst van de ademhaling: 3%
– in navolging van grote persoonlijkheden die ook een snor dragen: 3%
– om de echtgenote te behagen: 2%
– om de proporties van het gezicht of de grootte van de neus te temperen: 1%
– om de tanden eronder te verbergen: 1%

Dit artikel is een bewerking van het blog over de geschiedenis van de snor dat Otto van der Heij op 16 november 2011 schreef op zijn site De bronnen van Clio.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: